Praktische informatie
Besturen
Samenstelling bestuur
Meer informatie over het besturen van een vermogensfonds is te lezen in de FIN-uitgave (2005): ‘Het besturen van een fonds. Een handreiking’
Het is aan te raden minimaal drie bestuursleden
aan te stellen; veelal zal sprake zijn van vijf bestuursleden.
Het is in ieder geval verstandig om een oneven aantal
bestuursleden aan te stellen, zodat er bij de besluitvorming
altijd een meerderheid van stemmen kan gelden. De werkzaamheden
kunnen verdeeld worden over de bestuursleden en in takenpakketten
worden ondergebracht. Een bestuurslid met een specifiek
takenpakket moet dan ook aan bepaalde functie-eisen en
aan een bepaald functieprofiel voldoen. De functie-eisen
omvatten kennis, ervaring, competenties, bekwaamheid
en persoonlijkheid die nodig zijn om een bepaalde functie
op juiste wijze uit te voeren.
Het stichtingsbestuur is in zijn geheel verantwoordelijk
voor het wel en wee van de organisatie. Onafhankelijk
van het feit of beroepskrachten worden aangesteld, commissies
of een dagelijks bestuur wordt benoemd en/of op andere
wijze mandaten worden verstrekt.
In de ANBI-regeling is opgenomen dat de beleidsbepalers
(bestuurders of leden van de raad van toezicht) geen
andere beloning mogen ontvangen dan een vergoeding voor
gemaakte onkosten. Dit zijn kosten die zij redelijkerwijs
maken vanwege hun functie bij de instelling. Ook mogen
ze vacatiegeld ontvangen dat niet bovenmatig is. Vacatiegeld
is een vergoeding die beleidsbepalers ontvangen voor
vacatie, zoals het voorbereiden en bijwonen van een vergadering.
Meer informatie over het besturen van
een vermogensfonds is te lezen in de
FIN-uitgave: ‘Het
besturen van een fonds. Een handreiking’
Bestuurdersaansprakelijkheid
Als hoofdregel ontstaan uit de handelingen van
de bestuursleden alleen rechten en plichten voor de stichting.
In bepaalde gevallen kunnen bestuurders en leden van
een raad van toezicht echter ook privé aansprakelijk
worden gesteld. Dat betekent dat niet alleen de eisen
die aan de (professionaliteit van) bestuurders en leden
van een raad van toezicht worden gesteld toenemen, maar
dat ook het risico groeit.
Het
kan dan ook in het belang zijn van de stichting om
een (bestuurders)aansprakelijkheidsverzekering - inclusief
een toereikende rechtsbijstandcomponent - af te
sluiten. Daarbovenop kan het vermogensfonds overwegen
om de bestuurders te vrijwaren en vrij te tekenen voor
alle nadelige financiële gevolgen in verband met
acties jegens hem vanwege het feit dat hij bestuurder
is of was. Overigens gelden deze mogelijkheden ook voor
leden van de raad van toezicht.
Artikel over bestuurdersaansprakelijkheid
Nathalie Aalbers
en Saskia Laseur, memo Vrijwaring en vrijtekening voor
bestuurders en leden van de raad van toezicht van stichtingen
(2008). Klik
hier voor de pdf. |